Speelruimte.
15 september 2007. Deze week wil ik even terugblikken op de State of the Union van Bart Meuleman. De State of wat, van wie? Juist, ja. Dat zijn van die zaken die niet direct de voorpagina’s halen, zeker niet in een periode van hoogconjunctuur voor de Belgische politieke stand-up comedy. Ik heb er sowieso alle begrip voor als u daar over gelezen hebt, of selectief doof voor bent gebleven. Het dagdagelijks laveren tussen kroost en carrière, waarbij het overkookpunt regelmatiger dan ooit op de loer lijkt te liggen, eist nu eenmaal zijn tol. Het zal de meesten onder ons dus worst wezen wat de theatersector zelf, bij aanvang van het nieuwe seizoen, over de toekomst van het theater te zeggen heeft. Want dat is die State of the Union: een ongebonden beleidsverklaring over de algemene stand van zaken in de wereld van de podiumkunsten, over waar het daarmee naar toe kan of moet, of zou kunnen of moeten. Op zich niks wereldschokkend, en het lost Brussel-Halle-Vilvoorde niet op, laat staan Irak, ...